Met het legendarische zilveren tientje uit 1970 maken we een opmerkelijke zijstap in de Nederlandse numismatiek. Nadat het zilver in de reguliere circulatiemunten (zoals de gulden en rijksdaalder) eind jaren '60 definitief werd vervangen door nikkel, keerde het edelmetaal in 1970 in een spectaculaire vorm terug. Dit zilveren tientje is de allereerste naoorlogse herdenkingsmunt van 10 gulden, geslagen ter gelegenheid van de herdenking van 25 jaar bevrijding (1945–1970). Het is een van de meest geliefde, herkenbare en massaal verzamelde munten van de twintigste eeuw.
Voor deze prestigieuze herdenkingsmunt koos 's Rijks Munt in Utrecht voor een groter formaat en een specifieke zilverlegering die herinneringen oproept aan de oude rijksdaalders, maar dan met een beduidend zwaardere bruto massa. Voor edelmetaalbeleggers fungeert de netto zilverinhoud van dit tientje als een ijzersterk en gegarandeerd waardefundament.
| Fysische Parameter | Exacte Waarde en Samenstelling | Impact op de Grondstofwaarde |
|---|---|---|
| Materiaal & Fijnheid | Zilver (720/1000) | Geproduceerd met de vertrouwde fijnheid van 72 procent puur zilver. |
| Totaalgewicht | 25,00 gram bruto | Een massieve, grote munt (exact het gewicht van de oude Willem III rijksdaalder). |
| Netto Zilvergewicht | 18,00 gram fijnzilver | De harde, objectieve metaalkern op de wereldwijde edelmetaalmarkt. |
| Diameter | 38,0 mm | Een monumentale grootte waarop het unieke dubbelportret prachtig tot recht komt. |
Het zilveren tientje uit 1970 kent een fabelachtige totale oplage van maar liefst 6.000.000 stuks. Het is ontworpen door de bekende prof. dr. Ludwig Oswald Wenckebach. De munt is uniek vanwege het zogenaamde 'dubbelportret' op de voorzijde: het toont Koningin Juliana op de voorgrond, met daarachter de contouren van haar moeder, Koningin Wilhelmina, die regeerde tijdens de oorlogsjaren. De achterzijde toont het gestileerde jaartal 1945–1970 met de Nederlandse leeuw.
Omdat deze munt direct als gedenkstuk werd uitgegeven, heeft de Nederlandse bevolking de tientjes destijds massaal rechtstreeks bij de banken gekocht en in de lade of de spaarpot gelegd. Hierdoor heeft deze munt vrijwel nooit echt in het dagelijkse betalingsverkeer gecirculeerd. Het overgrote deel van de overgebleven voorraad verkeert daardoor nog altijd in een schitterende staat (Prachtig tot FDC). Dit enorme aanbod houdt de numismatische meerwaarde erg laag: u koopt deze munten puur voor de zilverwaarde.
Hoewel de miljoenen reguliere tientjes puur als zilversnack dienen, is er één uitzondering voor de echte verzamelaar: de officiële Proof-versie. Hiervan zijn er door de Utrechtse munt slechts 15.000 stuks geslagen met speciaal gepolijste stempels. Deze munten hebben een spiegelende achtergrond en matte reliëfdetails en werden destijds in een luxe cassette geleverd. Een legitiem, krasvrij Proof-exemplaar dráágt wel een duidelijke numismatische premie en noteert stabiel rond de € 60,00 tot € 90,00.
Bij het zilveren tientje uit 1970 hoeft u zelden te zoeken naar omloopslijtage, aangezien de munten nauwkeurig bewaard zijn. Waar u bij de kwaliteitsbepaling wel scherp op moet letten, zijn de zogenaamde 'bagmarks'. Omdat deze zware munten van 25 gram destijds in grote metalen vaten en zakken bij de munt werden opgevangen, sloegen ze hard tegen elkaar aan. Hierdoor vertonen veel exemplaren kleine putjes of weerslagkrasjes op de grote wang van Juliana of in het open veld van de muntzijde. Een tientje dat volledig vrij is van deze productiesporen is een zeldzaamheid en vertegenwoordigt de absolute topconditie.